Proces tegen Hansard Europe is cruciale testcase voor Ierse levensverzekeraars

Het advocatenkantoor Robert Wtterwulghe heeft bij de Rechtbank van Koophandel in Brussel in naam van een zeventigtal beleggers een geding aangespannen tegen de Ierse levensverzekeringsmaatschappij Hansard Europe. De advocaat  verwijt de levensverzekeraar dat ze niet voldeden aan hun informatieverplichting. Wtterwulghe eist 7,6 miljoen van Hansard Europe.

Netwerkmakelaars

R Wttrwulghe

Hansard Europe en Irish Life International, momenteel SEB Life International waren vooral tussen 2005 en 2009 zeer actief in België. De verzekeraars hadden een eigen netwerk van zelfstandige makelaars maar ze waren ook de belangrijkste leveranciers van levensverzekeringsstructuren voor de masterbrokers Kobelco, Evest en MasterFinance. Die drie netwerkmakelaars haalden tussen de jaren 2000 en 2009 honderden miljoenen euro’s op via tak 23 levensverzekeringen onder het regime van vrije dienstverlening. De distributieplatformen hadden alle drie minstens een vestiging in België en in Luxemburg. De betrokken verzekeraars vielen onder de controle van hun eigen thuisland. Enkel voor zaken die het openbaar belang raken, was de Belgische regelgever bevoegd.

De drie distributieplatformen hadden een vergelijkbare structuur. Ze maakten afspraken met een aantal levensverzekeraars uit Ierland, Liechtenstein en het Groot Hertogdom Luxemburg. De levensverzekering diende als mantel voor een reeks beleggingsfondsen die investeerden in zogenaamde niet-gecorreleerde activa. Daar zaten de meest fantasievolle zaken tussen. Juwelen, luxe-goederen, leningen voor landbouwmateriaal, houtplantages, whisky en wijn, old-timers, Britse with profit levensverzekeringen…de creativiteit kon niet op. De netwerkmakelaar pakte zowel een marge op de fondsen als een commissie op de verzekeringsmantel. De distributie van dit exotisch aanbod gebeurde via een netwerk van onafhankelijke submakelaars en bankagenten. Zij kregen erg riante commissies, overgoten met een sausje van snoepreisjes en luxueus georganiseerde meetings. De contracten werden echter op naam van de netwerkmakelaars, Kobelco, MasterFinance en Evest, afgeleverd. Dat laatste is niet onbelangrijk in het kader van de discussie over de informatieverplichting.

De netwerkmakelaars hadden de knowhow ontwikkeld om zelf een reeks fondsen te selecteren en die commercieel op te tuigen. Dat gebeurde echter altijd op basis van overleg met een vermogensbeheerder. De verzekeraars keurden alle fondsen ook effectief goed en maakten een technische analyse om de zogenaamde unitprijs te kunnen berekenen.  Zij waren dus perfect op de hoogte van de fondsen of andere instrumenten die in de portefeuilles van de klant werden ingebracht.

In Luxemburg zag de regelgever als snel dat de tak 23 dreigde te ontsporen. Er kwamen strengere regels. Klanten die zeer risicovolle producten wilden inbrengen in een zogenaamde Fonds Dédiés, dat is een gepersonaliseerde beleggingsporteuille in een tak 23 mantel, moesten bewijzen dat ze voldoende vermogend waren. Die ingreep was het signaal voor de distributieplatformen om hun productie massaal naar Ierland te verschuiven. Daar was de regelgeving veel flexibeler en de mogelijheden om fantasierijke structuren te promoten bleven er intact.

De perfecte storm

In 2008 raasde de perfecte storm door de financiele wereld. De beleggers werden wantrouwig en In volle financiële crisis droogde de productie op. Dat betekende het einde voor een aantal fondsen die een hoge coupon beloofden. Die kon niet langer uitbetaald worden en dat is een de facto bevestiging van het feit dat het in een aantal gevallen om structuren ging die sterk aanleunen bij een Ponzi-constructie.

Omdat er steeds meer negatieve berichten opdoken begonnen beleggers hun geld op te vragen. Daardoor raakten de fondsen in liquiditeitsnood en werden ze gesloten. De negatieve spiraal had een zware impact op de distributieplatformen. De commissiestroom droogde op en drie grote masterbrokers vielen ongeveer op hetzelfde moment omver. Kobelco en MasterFinance gingen in faling, Evest werd gecontroleerd afgebouwd.

Door de falingen van Kobelco, MasterFinance en Evest dreigde  het lucratieve handeltje van een belangrijke groep bemiddelaars droog te vallen. Dat zette een aantal van hen ertoe aan om een eigen structuur op te bouwen met een vergelijkbare productstrategie. De Turnhoutse platformen BFD en Arlis Investments en D&D uit Massenhoven zijn daar voorbeelden van. BFD was oorspronkelijk een belangrijke afnemer van Moneyclip, later Evest. Arlis Investments komt uit het netwerk van Kobelco. Het kantoor van Arlis was zelfs een tijdje gevestigd in de gebouwen van Kobelco. D&D deed onder meer beroep op de ervaring van Toon C., een mede-oprichter van Moneyclip. Het bedrijfsmodel van deze nieuwe generatie netwerkmakelaars was echter meer gericht op de werking met subagenten en steunde minder op de zelfstandige distributie via een netwerk van makelaarskantoren. Ook de tweede generatie distributieplatformen is ondertussen opgeplooid. BFD ging in faling, zaakvoerder Han C. van Arlis Investments werd een tijdje opgepakt en wacht op zijn proces. D&D werd opgedoekt naar aan leiding van de commercialisering van fondsen die zouden investeren in goud en goudtrading.

Cubex en Dominion : hoog risico in garantieverpakking

Een van die fondsen was Cubex, een structuur die door advocaat Wtterwulghe werd geciteerd in l’Echo. Dat fonds was gevestigd op de Cayman Islands en beweerde te beleggen in goud en goudhandel. Cubex werd in België en Nederland verkocht en ondergebracht in de mantels van Hansard Europe, SEB Life, Baloise en Excell Life. In zijn meest exuberante versie schermden de ontwikkelaars met een weinig realistische coupon van 12%. Het fonds kreeg de schijn van garantie mee, een garantie die vooral gebakken lucht bleek te zijn.

De advocaat van Hansard Europe reageerde op de uitspraak van Wtterwulghe. In die reactie noemde hij zelf Dominion, een andere structuur die symbool kan staan voor het aanbod via maatschappijen zoals Hansard. Het in Guersney gevestigde Dominion belegde in die periode in zogenaamde with profit levensverzekeringen van de Engelse maatschappijen Norwich Union en Prudential. Op zich is daar niks mis mee, zij het dat with profits op dat moment al een twijfelachtige reputatie hadden, voornamelijk omwille van hun ontransparante beheer. Dominion bood de fondsen aan in een zuivere vorm (formule X0) maar ook in een formule met een hefboom erop. In de categorie X1 was die hefboom 100%. In de categorie X2 zelfs 200%.

De beloofde rendementen in die fondsen met hefboom logen er niet om. Investeerders die een gemengde portefeuille Norwich Union / Prudential in de formule X2 opbouwden kregen een rendement voorgespiegeld van 29,81% in 2005, 14,15% in 2006 en 13,97% in 2007. Bovendien komt ook hier het woord garantie vaak terug. Men heeft het dan over de garantie in de with profit structuur die echter niks te maken heeft met een eventuele garantie in de Dominion fondsen. De begripsverwarring werd commercieel echter wel handig uitgespeeld door bepaalde distributiekanalen. De X-fondsen van Dominion liepen in 2008 compleet op de klippen en werden door de vermogensbeheerder zelf uit de rekken gehaald en vervangen door onder meer Chic, een fonds dat belegt in luxegoederen.

Ongeschikt voor niet gekwalificeerde beleggers

De twee fondsen die de advocaten van beide partijen aangeven tonen duidelijk aan dat het om beleggingen gaat die nauwelijks geschikt zijn voor een niet gekwalificeerde particuliere belegger. Indien ze al toelaatbaar zouden zijn, kunnen ze maximaal een zeer beperkt gedeelte van een portefeuille uitmaken. Nochtans werden de fondsen jarenlang massaal verdeeld via de tak 23 constructies van de Ierse verzekeraars. Het is aan de rechtbank van Koophandel in Brussel om uit te maken of dat binnen het wettelijk kader gebeurde en wie eventueel aansprakelijk kan gehouden worden voor de verdamping van een enorme som aan spaarreserves, vaak van kwetsbare particuliere beleggers. Dat kader was in de verdachte periode, zeker in een internationale context, eerder zwak opgebouwd. Het vonnis dat zal volgen kan van zeer groot belang zijn, ook omdat deze zaak slechts een klein gedeelte van de benadeelden betreft. Hansard Europe en SEB Life International hebben duizenden klanten in België, de meesten met vergelijkbare toxische structuren. De morele schuld die de betrokken maatschappijen en het intermediair meedraagt is echter niet miskenbaar. Het FSMA nam ondertussen maatregelen en verstrengde de regelgeving op diverse vlakken. Toch volstaat dat niet om alle gaten te dichten. Ook vandaag nog wordt de tak 23 gebruikt om zeer risicovolle structuren te verkopen aan kwetsbare beleggers.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.