Spring naar inhoud

Verzekeringsgift niet langer vrij van erfbelasting

BartChiauprofiel


De beleggingsverzekering is een nuttig instrument om aan successieplanning te doen. Dankzij de verzekeringsgift kon een levensverzekering geschonken worden zonder dat de begiftigde daar erfbelasting moest op betalen. Er was enkel schenkbelasting verschuldigd (3 of 7%). In Vlaanderen is de verzekeringsgift echter niet langer vrijgesteld van erfbelasting.

Standpunt Vlaamse belastingdienst

Nu de Vlaamse belastingdienst (VLABEL) bevoegd is voor registratie- en erfbelasting is een vrijstelling door middel van een verzekeringsgift niet meer mogelijk, zelfs al werd er al schenkbelasting betaald op de afkoopwaarde (standpunt nr. 15133 van 12 oktober 2015). Ondanks de verzekeringsgift blijft de begunstiging via het verzekeringscontract volgens VLABEL een ‘door de erflater gemaakt beding’ waarop erfbelasting verschuldigd blijft. Bovendien betreft het voorwerp van de verzekeringsgift enkel en alleen de rechten die de verzekeringsnemer heeft ten aanzien van de verzekeraar en niet de prestatie bij het overlijden van de verzekerde. Bijgevolg kan de uitzondering die stelt dat ‘een beding ten behoeve van een derde’ niet onderworpen is aan erfbelasting indien er al schenkbelasting werd betaald (art. 2.7.1.0.6, §2, lid 3, 1° VCF), niet ingeroepen worden. De begunstigde ontvangt de prestatie in zijn hoedanigheid van begunstigde en niet in zijn hoedanigheid van nieuwe verzekeringsnemer. Dit standpunt is van toepassing op alle overlijdens vanaf 1 maart 2016, ongeacht de schenkingsdatum. In Brussel en Wallonië blijft een verzekeringsgift met vrijstelling van successierechten vooralsnog wel mogelijk.

Hoe kunt u dan toch nog erfbelasting vermijden?

Om alsnog erfbelasting te vermijden moet u na de verzekeringsgift de begunstigde wijzigen. Belangrijk hier is dat de nieuw aangewezen begunstigde niet dezelfde begunstigde is als diegene die werd aangewezen door de oorspronkelijke verzekeringsnemer. Op die manier gaat het niet meer om een ‘door de erflater gemaakt beding’ maar om een ‘door een derde gemaakt beding’. Dus we vertrekken van AAB (beding ten behoeve van een derde). Vroeger schonk A de rechten aan B om op die manier een BAB-constructie te verkrijgen (beding ten behoeve van zichzelf) en erfbelasting te vermijden. Nu moeten we nog een stap verder gaan en dient B de begunstiging te wijzigen naar C (bv. de kinderen of de partner van de nieuwe verzekeringsnemer). We creëren op die manier een BAC-constructie. Bij overlijden van A is C geen erfbelasting verschuldigd. Als de begunstiging wordt gewijzigd door de nieuwe verzekeringsnemer en niet door de erflater, wordt art. 2.7.1.0.6 VCF niet toegepast in de nalatenschap van de erflater. De vrijstelling van erfbelasting is niet definitief. Mocht de nieuwe verzekeringsnemer overlijden binnen de drie jaar na de uitkering (bij leven of bij overlijden), dan is er alsnog erfbelasting verschuldigd (art. 2.7.1.0.6 VCF wordt dan toegepast in de nalatenschap van de verzekeringsnemer).

CASE

in Vlaanderen sluit een vader van 60 jaar oud een beleggingsverzekering af op zijn hoofd met als begunstigde bij overlijden zijn dochter.

Verzekeringsnemer: vader | Verzekerde: vader | Begunstigde bij overlijden: dochter

In het kader van successieplanning draagt hij de rechten van zijn contract over aan zijn dochter (verzekeringsgift). De verzekeringsgift gebeurt door middel van een geregistreerde schenking waarop schenkbelasting van 3% verschuldigd is. De schenkbelasting wordt berekend op de reserve op het moment van de schenking. We krijgen dan volgende constructie:

Verzekeringsnemer: dochter | Verzekerde: vader | Begunstigde bij overlijden: dochter

Bij het overlijden van de vader moet de dochter nog steeds erfbelasting betalen omdat het gaat om een verzekeringsgift met als oorspronkelijke verzekeringsnemer de vader. Dit kan vermeden worden doordat de dochter als nieuwe verzekeringsnemer de begunstigde bij overlijden wijzigt naar bijvoorbeeld haar kinderen. De verzekeringsconfiguratie ziet er dan als volgt uit:

Verzekeringsnemer: dochter | Verzekerde: vader | Begunstigde bij overlijden: kinderen

Bij overlijden van de vader (grootvader van de kinderen) is er geen erfbelasting meer verschuldigd op voorwaarde dat de dochter nog drie jaar in leven blijft na de uitkering.

Het is niet toegestaan om als begiftigde van de schenking zichzelf te ‘herbevestigen’ als nieuwe begunstigde. Een tijdelijke wijziging van de begunstigde, waarbij men kort nadien opnieuw de oorspronkelijke begunstigde aanduidt, zal aanzien worden als fiscaal misbruik.

Een alternatief is de afkoop van het contract en de afkoopwaarde schenken (opgelet voor de driejaarstermijn bij een hand- of bankgift). Een afkoop brengt wel kosten met zich mee. Zelfs indien de verzekeringsgift al heeft plaatsgevonden zou de nieuwe verzekeringsnemer kunnen afkopen en een nieuw contract afsluiten. Dit wordt niet expliciet in het standpunt van VLABEL vermeld. Op die manier wordt de band tussen de schenker van de eerste polis en de begunstigde van de nieuwe polis verbroken.

Besluit

Indien u in het verleden de verzekeringsgift heeft geadviseerd om erfbelasting te vermijden, dient u in deze polis de begunstigde te wijzigen zodat de uitkering bij overlijden vrijgesteld is van erfbelasting.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

%d bloggers liken dit: